Veel proefprojecten waarin overheid en bedrijfsleven duurzame energie- en materiaalvindingen demonstreren worden niet overgenomen door de markt of het bedrijfsleven.
Te ingewikkeld
Dit is afgelopen dinsdag gebleken uit onderzoek van Bart Bossink, bijzonder hoogleraar Technologie en Innovatie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Volgens zijn onderzoek lieten alle bedrijven in de bouw een pakket aan duurzaamheidsopties links liggen. Deze opties, zoals gebruik van puingranulaten en het toepassen van houtskeletbouw en vegetatiedaken, zijn in proefprojecten succesvol gebleken. Maar bedrijven vinden ze te ingewikkeld, te riskant of te duur. Een ander voorbeeld is het uitblijven van grootschalige doorstroming van energiebesparende maatregelen – zoals gebruik van zonnewarmte, zonneboilers en zongerichte verkaveling – van de proefprojecten naar de gewone bouwprojecten.
Kennis ingesloten
Extra wetgeving was nodig om een fractie van de resultaten in de proefprojecten toegepast te krijgen in de overige bouwprojecten in het land. Ook huizenkopers werkten niet echt mee omdat ze vooral op zoek te zijn naar een leuk huis, waarbij duurzaamheid niet echt belangrijk is. Bossink onderzocht de Nederlandse woningbouw over een periode van 20 jaar. Het blijkt dat de deelnemers aan de proefprojecten een zeer klein gesloten netwerk van bedrijven vormen die op hoog niveau innoveren in zowel duurzame energiemogelijkheden als materiaaltoepassingen, waardoor de kennis daar wordt ingesloten en niet toegankelijk is voor de meerderheid.
