Onwenselijke situatie rond coördinatieregeling windenergie

Onwenselijke situatie rond coördinatieregeling windenergie

Het blijft onduidelijk hoe de regio invloed kan uitoefenen op de plaatsing van windmolens. Het overleg hierover in de Tweede Kamer ging donderdag niet door. Drentse gedeputeerden Munniksma en Kip-Martin tonen zich begripvol, maar teleurgesteld.

Onwenselijke situatie
Er is een verwarrende situatie ontstaan voor betrokken partijen, vanwege windenergieplannen van initiatiefnemers, het gebiedsplan van provincie en gemeenten en een Rijkscoördinatieregeling rond het plaatsen van molenparken. Het Drents bestuur geeft aan dat deze situatie onwenselijk is. De provincie is dé overheid voor ruimtelijke ontwikkeling en de ontwikkeling van windenergieparken is daar onderdeel van. Op dit moment is de Rijkscoördinatieregeling (RCR) van toepassing voor parken groter dan honderd megawatt (MW). De provincie en vier betrokken gemeenten werken momenteel aan een Drentse gebiedsvisie wind, die bijna is afgerond. Dit zou een belangrijk toetsingskader moeten zijn voor grootschalige initiatieven.

Verstorende werking
De provincies willen graag de verantwoordelijkheid nemen om inpassing van windmolens planologisch te regelen. De provincies hebben deze voorkeur vorige week aan de Tweede Kamer voorgelegd. Dit is volgens de provincies nodig om in 2020 zesduizend MW aan windenergie op te wekken, wat overeenkomt met de nationale doelstelling voor windenergie op land. De provincies menen dat de Rijkscoördinatieregeling verstorend werkt op de aanpak van de gemeenten en provincies om windenergie een plek in hun gebied te geven. Een goed proces zou moeten leiden tot meer acceptatie en een betere ruimtelijke kwaliteit.

Bron: Provincie Drenthe