Factcheck: Windmolens draaien op subsidies

Factcheck: Windmolens draaien op subsidies

Cijfers in het energiedebat

‘Windmolens draaien niet op wind, maar op subsidies.’ Ik weet niet wie deze moeder van alle oneliners in het energiedebat heeft bedacht, maar ik hoorde hem voor het eerst uit de mond van Simon Rozendaal, Elseviers onvermoeibare broeikaseffectontkenner, kernenergiepromotor en windturbinehater. Tijdens de Tweede-Kamerverkiezingen in 2012 bezorgde Mark Rutte deze oneliner landelijke bekendheid.

Iedereen heeft natuurlijk recht op zijn eigen mening over windmolens, maar niemand heeft recht op zijn eigen feiten en cijfers. Het doel van deze rubriek is om het energiedebat van feiten en cijfers te voorzien. We hebben de bekendste oneliner uit het energiedebat, die suggereert dat windmolens meer kosten dan ze opleveren, als titel van de eerste aflevering gekozen. We vragen ons eerst af of de stelling geldt voor de energie die windmolens leveren.

Onderzoekers van de Australian National University verzamelden data van meer dan honderd windmolens op vijftig plekken over een periode van dertig jaar en concludeerden dat een windmolen in drie tot zes maanden de hoeveelheid energie genereert die het kostte om hem te bouwen en te installeren.

Windmolens zetten de energie uit wind om in elektriciteit met een rendement van veertig a vijftig procent. Het theoretisch maximum is 59 procent. Honderd procent rendement lukt immers niet. Honderd procent rendement zou betekenen dat een windturbine alle passerende wind volledig zou omzetten in elektriciteit. Het zou dan windstil zijn achter een windturbine. Ter vergelijking: een moderne kolencentrale haalt een vergelijkbaar rendement, maar dan met een brandstof die niet gratis is.

Lees ook ons dossier ‘Wind op land
1. Kosten windturbines meer energie dan ze opleveren?

2. Kosten windmolens meer geld dan ze opleveren?

We concentreren ons op de directe kosten. Alle indirecte kosten van windenergie en fossiele energie, of het nu milieuvervuiling of horizonvervuiling is, laten we buiten beschouwing. Ook kijken we alleen naar wind op land.

Feit is dat windturbines inderdaad subsidie krijgen. Het cijfer is: tegenwoordig ongeveer 4 cent per kilowattuur (kWh). Met één kWh elektriciteit kun je één wasje draaien of een half uur stofzuigen. Deze subsidie, de SDE+ (Stimuleringsregeling Duurzame Energie) in jargon, komt op ingewikkelde manier tot stand (wie niet van rekenen houdt, kan de volgende alinea overslaan):

SDE+

Wie vandaag een windturbine op land neerzet in Nederland, mag rekenen met een basisbedrag van 10 cent per kilowattuur (kWh). (Fase 2). Dit basisbedrag is het kWh-bedrag waarvan het Ministerie van Economische Zaken, geholpen door ECN, denkt dat een commercieel bedrijf een windturbine kan bouwen en exploiteren.

Grijze stroom is nog steeds goedkoper dan groene stroom. Om groene stroom de kans te geven te concurreren met grijze stroom overbrugt de SDE+ het verschil in kostprijs als volgt: de SDE+ vergoedt het verschil tussen de kosten van hernieuwbare energie (basisbedrag) en die van grijze stroom (correctiebedrag). Het ministerie heeft de gemiddeld prijs voor grijze stroom (het correctiebedrag) vastgesteld op 5,8 cent, zeg 6 cent. Hiermee wordt de subsidie 4 cent per kWh (basisbedrag van 10 cent minus het correctiebedrag van 6 cent).

Exploitanten van windturbines kunnen hun windelektriciteit op de elektriciteitsmarkt verkopen voor de prijs van grijze stroom: 6 cent per kWh. Samen met de 4 cent subsidie levert een kWh windelektriciteit 10 cent op en moeten ze de windturbines winstgevend kunnen exploiteren.

Lees ook ons dossier ‘Wind op land
Opslag duurzame energie
Deze subsidie van 4 cent wordt niet gefinancierd uit de overheidsbegroting, maar door middel van een opslag op alle elektriciteitsrekeningen. Uitgesmeerd over alle elektriciteitsrekeningen resulteert dat in een bedrag van 0,23 cent per kWh (naar beneden scrollen tot ‘opslag duurzame energie op elektriciteit’).

Consumenten betalen 23 cent per kWh (het verschil met de kostprijs (6 cent) is een optelsom van transportkosten, marketingkosten en energiebelasting en BTW). Voor consumenten is de opslag voor duurzame elektriciteit dus een procent van de elektriciteitsrekening. (Ook groen gas wordt gesubsidieerd uit een opslag op de gasrekening.)

Het antwoord op de vraag Kosten windmolens meer geld dan ze opleveren? is dus: een windturbine op land kost 4 cent per kWh en levert 6 cent per kWh op. Na 15 jaar houdt de subsidie op en draait de windturbine bijna gratis, om precies te zijn tegen onderhoudskosten.

Conclusies: nieuwe windturbines draaien op wind én op subsidies. Oudere windturbines draaien alleen op wind.

Beeld: technologie.blog.nl

Lees ook ons dossier ‘Wind op land