Elektriciteitsproductie: afname fossiel, toename duurzaam

Elektriciteitsproductie: afname fossiel, toename duurzaam

In de komende jaren zal de conventionele elektriciteitsproductie in Nederland afnemen en het aandeel van wind en zon flink toenemen, blijkt uit een prognose van netbeheerder TenneT.

Deze week publiceerde de landelijke netbeheerder van het hoogspanningsnet het Rapport Monitoring Leveringszekerheid 2014-2030. Hierin wordt de verwachte ontwikkeling van leveringszekerheid van elektriciteit in kaart gebracht.

Deze komende jaren zal voldoende opgesteld productievermogen beschikbaar zijn om de leveringszekerheid te garanderen, is de prognose. Maar er vinden wel een aantal verschuivingen plaats binnen het elektriciteitssysteem.

Afname fossiel gestookte centrales

Na een periode waarin veel nieuwbouw van elektriciteitscentrales heeft plaatsgevonden, is nu een trend gaande waarin centrales juist worden stilgelegd. Een deel daarvan wordt definitief gesloopt en een deel geconserveerd, dat wil zeggen: in de mottenballen gelegd, hopend op betere tijden.

Op dit moment beschikt Nederland over krap 25 GW operationeel thermisch productievermogen (gas- en kolencentrales). De verwachting is dat dit zal afnemen tot iets minder dan 20 GW in 2022. Hiervan wordt 3,5 GW definitief gesloopt. Het grootste gedeelte zijn oude kolencentrales die worden uitgefaseerd (– 2,7 GW), zoals vastgelegd in het Energieakkoord.

Het operationele thermische vermogen in 2022 zal daarmee bestaan uit 5 GW kolen en 14 GW gas. Biomassa, biogas en afvalverbranding zijn samen goed voor 1 GW, aldus de projecties van TenneT.

Het geconserveerde thermische vermogen is momenteel 4,3 GW. In 2022 zal dit toenemen tot 6,2 GW.

Flinke toename duurzame elektriciteit

In 2022 zal het opgesteld vermogen van duurzame bronnen (wind en zon) zijn doorgegroeid tot ruim 15 GW, verwacht TenneT. Op 1 januari 2014 was dit nog 3,5 GW. Zon-PV zal doorgroeien tot 6.500 MW opgesteld vermogen in 2022. Een exponentiële groei ten opzichte van de 739 MW in 2014 (1 januari), waarmee in 0,5% van de energievraag werd voorzien.

Het windvermogen op land was 2.485 MW in 2014. In de Structuurvisie Wind op Land heeft het kabinet bepaald dat dit 6.000 MW moet zijn in 2020. TenneT gaat er in de Monitor van uit dat dit zal worden gerealiseerd. Het windvermogen op zee is op dit moment 228 MW. In de plannen van het kabinet is dit in 2023 doorgegroeid tot 4.450 MW.

Leveringszekerheid voldoende geborgd

Ondanks de enorme groei van duurzaam verwacht TenneT niet dat dit zal bijdragen aan de leveringszekerheid: ‘De enorme investeringen in hernieuwbaar vermogen zullen de leveringszekerheid niet substantieel verbeteren door het intermitterende karakter ervan.’ Ook moet worden opgemerkt dat een GW opgesteld vermogen van zon of wind minder stroom oplevert dan een GW gas of kolen.

Door de afname van thermisch operationeel opgesteld vermogen en de groei van fluctuerende energiebronnen, zou het kunnen dat vanaf 2019 onder bepaalde omstandigheden importafhankelijkheid zal ontstaan. Toch maakt TenneT zich geen zorgen over de leveringszekerheid. In de eerste plaats is er de grote hoeveelheid geconserveerd vermogen, dat online kan worden gebracht als er structurele tekorten ontstaan.

In de tweede plaats wordt de leveringszekerheid in steeds grotere mate geborgd door koppelingen op de Europese markt. Het Nederlandse elektriciteitsnet heeft goede verbindingen met buurlanden en dit aantal zal in de toekomst alleen maar toenemen. Dit verbetert de ‘leveringszekerheidssituatie’, zegt Tennet, ‘omdat in omstandigheden van schaarste voldoende bijstand mogelijk is vanuit omringende landen’.

Beeld Hoogspanningsmast_Veluwemeer: Apdency / https://commons.wikimedia.org/wiki/File:Hoogspanningsmast_Veluwemeer.jpg