Kolencentrales: sluiten of vergroenen?

Kolencentrales: sluiten of vergroenen?

Energiebedrijf Nuon is bereid de kolencentrale in de Amsterdamse Hemhavens te sluiten, als daar een redelijke vergoeding tegenover staat. Maar is het sluiten van de centrale wel zo slim en duurzaam?

Het sluiten van kolencentrales is een hot issue nadat de Tweede Kamer eind november een D66-motie aannam die ertoe oproept alle kolencentrales op termijn te sluiten. In een open brief noemden 64 hoogleraren de sluiting van alle kolencentrales voor 2020 al de meest effectieve maatregel om broeikasgassen terug te dringen.

Energiebedrijf NUON reageerde vlak voor Kerst in EenVandaag niet geheel onwelgevallig op de motie. De kolencentrale in de Amsterdamse Hemhavens zou best eerder kunnen sluiten, mits daar een redelijke vergoeding tegenover staat voor het bedrijf en de tweehonderd werknemers. De centrale heeft een lager rendement dan nieuwe centrales en daardoor ook minder aantrekkelijke marges.

Vergroening

Volgens directeur Martijn Hagens is ‘vergroening’ van de centrale, het meestoken van hout en biologisch afval (biomassa), ook een mogelijkheid. Het bedrijf wil voor het één van de paden gaat bewandelen wel eerst duidelijkheid van de politiek. Daarbij gaat het natuurlijk ook om het prijskaartje. Hoeveel kost het sluiten van een kolencentrale eigenlijk? En is het dan wel zo verstandig als je ook kunt vergroenen?

‘Je kunt beter meteen door de zure appel heen bijten’, zegt Henk Moll, hoogleraar natuurlijke hulpbronnen, duurzame productie en consumptie aan de Rijksuniversiteit Groningen en ondertekenaar van de “hooglerarenbrief”. Moll was allerminst verbaasd door de opmerkingen van de Nuon-directeur, al bemerkte hij wel een verschil in toon: ‘Nuon gaat meer mee met de wens van de Tweede Kamer dan andere energiebedrijven, die nog op de tour gaan van “onzin” en “heel slecht”.’

De vraag om compensatie vindt hij niet verrassend en ook redelijk. ‘We hebben ook gezegd in de brief dat de huidige centrales volgens het geldende recht zijn gebouwd. Als je het dan onmogelijk maakt ze verder te gebruiken, dan moet je ze afkopen.’

Sluiting kost 6 miljard

Het sluiten van alle kolencentrales zou 6 miljard euro kosten, stelde het FD vast na een rekensommetje op basis van reacties van energiebedrijven op de motie van de Tweede Kamer. E.ON vraagt minstens 1,6 miljard voor de nieuwe kolencentrale op de Maasvlakte. Het bedrijf verwacht daar veertig jaar lang tussen de 50 en 100 miljoen euro per jaar te kunnen verdienen. Ook GDF Suez zou de kosten van de aldaar voor 1,5 miljard gebouwde kolencentrale terug willen, plus gederfde inkomsten. De veel grotere kolencentrale van RWE in Delfzijl kostte 3 miljard, maar dat bedrijf wil nog niets zeggen over bedragen.

Vergroening speelt ook een rol bij de RWE-centrale in Delfzijl, weet Moll. Ook daar wordt biomassa meegestookt. Maar hij vindt dit niettemin geen goede oplossing. ‘Je blijft immers kolen stoken. Biomassa vormt maar 10 à 20 procent van het geheel.’ Moll ziet dus weinig heil in vergroening. ‘Als je daarmee begint, is er ook moeilijker op terug te komen. Doe het meteen goed en accepteer dat deze assets op den duur geen waarde meer hebben.’ Op korte termijn zouden gascentrales het gat dat ontstaat bij sluiting moeten opvullen. ‘Nederland telt veel gascentrales, maar die gebruiken we maar weinig. Het licht hoeft dus niet uit te gaan.’

Gas uit Noorwegen

Volgens bestuursvoorzitter Frits Bruijn van E.ON zou Nederland zich te afhankelijk maken van gas als alle kolencentrale worden gesloten, zei hij tegen het FD. Moll beaamt dat meer gas nodig is. Niet meer uit Groningen, maar bijvoorbeeld wel door te importeren uit Noorwegen. ‘Die lijden onder de lage olieprijzen en zouden best happig kunnen zijn om gas te verkopen. Op de lange termijn zou je dan over kunnen gaan op LNG.’

Afkopen kan goedkoper

Op het prijskaartje voor sluiting van alle kolencentrales valt nog wel iets af te dingen, vindt Moll. ‘Hadden die centrales nog wel dertig jaar door kunnen draaien? Daar kun je over discussiëren. In 2025 hebben energiebedrijven al hogere kosten aan het onder de grond opslaan van CO2. De winstgevendheid op de lange termijn is klein. Daarbij konden energiebedrijven al vijf jaar voorsorteren op deze maatregelen. Dat moeten we meewegen. Ze hebben nu een sterke positie. De overheid hoeft dus niet het volledige bedrag op tafel te leggen.’

Ook zouden energiebedrijven naar Duits voorbeeld hun bedrijven kunnen opsplitsen in “good” en “bad” companies. ‘Dat is een vorm van risicospreiding die de bedrijven hier ook in acht kunnen nemen.’

Waterbedeffect moeilijk te bepalen

De opmerking van minister Kamp dat sluiting van kolencentrales die biomassa kunnen meestoken meer productie betekent voor meer vervuilende centrales in het buitenland, lijkt Moll prematuur. ‘Dat is het waterbedeffect. Maar het is moeilijk te bepalen welke besluiten het buitenland zal nemen. Dat is hun verantwoordelijkheid. Ze zullen toch onder de emissieplafonds moeten blijven. Het is weliswaar een risico, maar als land dat flink achterloopt in het terugdringen van uitstoot, moeten we dat maar nemen en dan hopen dat anderen niet in het gat springen met kolencentrales.’

Beeld : Publiek domein / US Bureau of Land Management