Kansen, maar geen garanties voor wind op land rond Noordzeekanaal

Kansen, maar geen garanties voor wind op land rond Noordzeekanaal

Provincie Noord-Holland ziet het Noordzeekanaalgebied als kansrijk voor extra windvermogen op land. De vijf gemeentes in deze regio hoeven echter niet te rekenen op een voorkeursbehandeling, zo liet het provinciebestuur hen weten tijdens een bestuurlijk overleg.

Herstructurering
In het kader van een herstructurering wil de provincie de komende jaren 105,5 MW aan windenergie op land realiseren door oude molens te laten vervangen door nieuwe, waarbij er voor elke twee molens maar één terug zou mogen komen. Door dit extra windvermogen komt de provincie tegemoet aan verplichtingen van het Rijk (totaal 685,5 MW).

Sinds 2012 geldt, op de Wieringermeer na, een verbod op het bouwen van nieuwe windmolens in Noord-Holland. Alleen het vervangen van verouderde molens door nieuwe turbines met hetzelfde vermogen behoorde nog tot de mogelijkheden.

Woordvoerder Frans Nederstigt van provincie Noord-Holland benadrukt dat het provinciale beleid ten opzichte van wind op land niet is gewijzigd. “De herstructureringsopgave zat altijd al besloten in ons beleid.”

Kritisch

De vijf gemeentes blijven kritisch ondanks de ruimte die hen wordt geboden. Maarten van Poelgeest, wethouder Klimaat en Energie van de gemeente Amsterdam: “Wij zijn verheugd dat de provincie gaat kijken naar nieuwe locaties, maar zijn teleurgesteld dat er niet meer tempo wordt gemaakt. Op verschillende plekken in onze gemeenten kan morgen gestart kunnen worden met de bouw van windturbines.”

De gemeenten hadden er in een brief gezamenlijk bij de provincie voor gepleit om de milieueffectrapportage (PlanMER) voor de herstructurering niet uit te voeren om zo de procedure te versnellen. Ook lag er een verzoek om de windplannen van de vijf gemeenten voorrang te verlenen bij het aanwijzen van de locaties die voor herstructurering in aanmerking zouden komen.

“De provincie houdt echter in het kader van een transparante en zorgvuldige afweging van mogelijke locaties vast aan het uitvoeren van de PlanMER”, aldus Nederstigt.

Geen voorrang
Ook wil de provincie gemeenten geen voorrangspositie geven, omdat er elders in de provincie nog andere potentiële herstructureringsprojecten in ontwikkeling zijn. Nederstigt: “Niet alle plannen van deze vijf gemeenten zijn even geschikt. Het bouwen van een windpark in de Haarlemmermeer-Zuid lijkt bijvoorbeeld een onmogelijke zaak door de nabijheid van Schiphol en het gevaar voor het luchtverkeer die turbines daar kunnen veroorzaken.”

Bron: provincie Noord-Holland