Miljoenennota: nauwelijks aandacht voor de energietransitie

Miljoenennota: nauwelijks aandacht voor de energietransitie

In zowel de Troonrede als de Miljoenennota komen duurzame energie en leveringszekerheid amper ter sprake. De begroting van Economische Zaken besteedt wel aandacht aan energie.

Troonrede
In de Troonrede komt energie in twee passages voor. In beide gevallen is het weggeschoven onder het thema ‘activiteiten in Europees verband’. Binnen dit kader “blijft de regering zich inzetten voor versterking van de interne markt” ter bevordering van een de Europese economie. De energiemarkt wordt gezien als een van de motoren van de economie: “Kansen op economische groei liggen onder meer op het terrein van de digitale markt, de energiemarkt en de lopende onderhandelingen over vrijhandelsakkoorden met de Verenigde Staten en andere landen.”

Verder noemde de Koning energie nog eenmaal: “Europese samenwerking moet gericht zijn op die terreinen waar gezamenlijk optreden echt waarde toevoegt. […] Daarin zijn belangrijke grensoverschrijdende thema’s opgenomen als de interne markt, het energie- en klimaatbeleid en de aanpak van de georganiseerde misdaad, inclusief cybercrime.”

Hoewel er in de Troonrede veel aandacht werd besteed aan instabiele geopolitieke verhoudingen, werd de verbinding met energiewinning uit hernieuwbare bronnen om leveringszekerheid te bevorderen niet gemaakt.

Miljoenennota
Ook in de Miljoenennota (PDF) blijkt energie geen belangrijke pijler, het woord Energieakkoord komt in de tekst één keer voor. Onder het kopje hervormingsagenda wordt het akkoord naast andere brede maatschappelijke akkoorden genoemd. In het kader ‘Speerpunten begroting 2015’ wordt de energietransitie niet genoemd.

Even verder in de tekst wordt energie nog een keer genoemd als onderdeel van duurzame groei: “Het kabinet blijft bij de versterking van de Nederlandse economie onverwijld streven naar een groene groei. Het versterken van de Nederlandse concurrentiekracht en verdienvermogen dient hand in hand te gaan met het terugdringen van de belasting van het milieu en de afhankelijkheid van fossiele energie en grondstoffen.”

Tenslotte wordt ook in de Miljoenennota de integratie van de Europese energiemarkt genoemd als een groeimotor.

Begroting Economische Zaken
Pas in de begroting van Economische Zaken (PDF) komt de energietransitie uitgebreid aan bod. De grote lijn die wordt uit gezet is duurzame energie als voorwaarde voor een sterke economie.

“Het kabinet streeft naar economische groei die duurzaam is. De vraag naar voedsel, grondstoffen, water en energie stijgt de komende decennia sterk. Er zijn aanpassingen nodig om welvaart en welzijn in de toekomst veilig te stellen. Om de transitie naar groene groei op gang te brengen dienen natuur, leefmilieu, dierenwelzijn, voedselveiligheid en -productie en energie onlosmakelijke onderdelen te worden van duurzame economische en maatschappelijke ontwikkelingen.”

In de begroting wordt gesteld het belangrijk is dat energie “betaalbaar en voldoende beschikbaar blijft”. Daarbij wordt erkend dat Nederland een zeer energie-intensieve economie heeft: “In vergelijking met andere Europese landen kent de Nederlandse export een relatief groot aandeel producten en activiteiten die veel energie gebruiken.” De begroting voorziet dat energieprijzen door stijgende vraag wereldwijd zullen stijgen en dat het gebruik van fossiele brandstoffen Nederland en Europa afhankelijk maakt van “regio’s die politiek of economisch soms instabiel zijn”.

Om die afhankelijkheid te verminderen dient “dient de energie-efficiëntie te worden verbeterd, worden gewerkt aan een schonere energiehuishouding en worden ingezet op een sterk concurrerende energiemarkt die zijn grondstoffen betrekt uit verschillende bronnen en regio’s.”

In deze begroting valt energie, samen met de biobased economy en voedsel wel onder de beleidsprioriteiten van 2015 als elementen naartoe groene groei.

Energieakkoord
Als middel om de groene groei te bereiken wordt het Energieakkoord aangedragen: “Het kabinet wil dat de transitie naar een schone energievoorziening tempo houdt. Met het Energieakkoord worden belangrijke stappen gezet en krijgt tegelijkertijd de economie een stevige impuls.” Van de 159 maatregelen uit het Akkoord wordt met name genoemd het van start gaan van grootschalige uitrol van wind op zee, het voor de vierde keer openstellen van de SDE+, het op orde stellen van de randvoorwaarde voor windenergie en het stimuleren van energiebesparing in de industrie. Daarnaast wordt ook gestreefd naar een goed functionerende Europese energiemarkt en is er bijzondere aandacht voor aardwarmte.

Kritiek Planbureau voor de Leefomgeving
Hoewel er in de begroting van Economische Zaken veel aandacht is voor energie beperkt zich dit tot afspraken die zijn gemaakt in het Energieakkoord. Recent bekritiseerde het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) het kabinet over het energiebeleid. Een van de kritiekpunten is de eenzijdge aandacht voor het Energieakkoord waarin afspraken zijn vastgelegd voor de periode tot 2023. Een veel te korte periode, aldus het PBL. De planning en uitrol van een nieuw energiesysteem vergt doorgaans zo’n 40 jaar, er moet daarom ook voorbij 2023 naar 2050 gekeken worden.

GroenLinks
GroenLinks doet de begroting af als ‘Machteloze Miljoenennota. Over het dossier energie zei partijleider Bram van Ojik “de doelstelling schone energie is met het Energieakkoord al naar beneden bijgesteld. Nu ziet het er naar uit dat we zelfs dat niet halen. Er treedt vertraging op, terwijl versnelling nodig is”. Van Ojik roept premier Rutte op de regie over het Energieakkoord naar zich toe te trekken. GroenLinks zal met een Tegenbegroting komen, daarin wordt het principe ‘de vervuiler betaald’ prominent opgevoerd.

Beeld: rijksoverheid.nl